Skip to main content

Les 9 Spaanse cursus basis

Lección 9


In deze basiscursus Spaans gaan we wederom een stapje verder. We gaan een dialoog oefenen wat je dus ook met 2 personen zou kunnen oefenen, neem elk 1 deel voor je rekening en wissel het af. Als extra oefening kan je de dialogen en woorden ook opschrijven.

Tortillas con frijoles - Tortilla's met bonen

Luister naar het onderstaande geluidsfragment en spreek daarna de dialoog na.



Ik loop naar het restaurant om te gaan eten. - Yo camino al restaurante para cenar.
Wil je me vergezellen? - te puedo acompanar

Natuurlijk kan ik dat - por supuesto que puedes

Dank u, kan ik je helpen met de bagaje - gracias te puedo ayudar con el equipaje

Dank u, help me met de rugtas - gracias, ayudame con una mochila

Graag gedaan. - con mucho gusto

Wat wil je eten / Wat wenst u te eten? - que deseas comer?)

Een groentensoep. En jij? Wat wil jij eten? - una sopa con verduras. Y tu Que deseas comer?)

Een torilla met bonen, ei en tomatensaus. - unas tortillas con frijoles, huevos, y salsa de tomate)

Ik nodig je uit voor het avondeten - Yo invito a la cena)

Nee, ik betaal de rekening voor ons. - No, yo pago la cuenta de los dos



El Trabajo - Het werk

Luister naar het onderstaande geluidsfragment en spreek daarna de dialoog na.



¿Tú eres taxista? - Ben jij taxichauffeur?

No, yo soy guardia. - Nee, ik ben bewaker

¿Tú eres botones? - Ben jij piccolo?

No, él es el botones. - Nee, hij is de piccolo

¿Quién es María? - Wie is Maria?

Es la azafata del avión. - Zij is de stewardess van het vliegtuig

¿Quién es Leticia? - Wie is Leticia?

Es la camarera del hotel. - Zij is de kamermeisje van het hotel

¿Quiénes son ellos? - Wie zijn zij?

Él es aviador y ella es turista. - Hij is de piloot en zij is de toeriste



El Boleto - De ticket

Luister naar het onderstaande geluidsfragment en spreek daarna de dialoog na.



¿Dónde està el boleto? - Waar is het toegangsbewijs/kaartje/ticket

Està en la mesa. - Die is op de tafel

Los aviones de la aerolínea son grandes. - De vliegtuigen van de luchtvaartmaatschappij zijn groot

Pero los vuelos son pocos. - Maar er gaan maar weinig vluchten

Lo importante es que tenemos los boletos y las maletas preparadas. - Het belangrijkste is dat we de tickets en koffers klaar hebben

Si, porque el horario de el viaje es a la 1:00p.m. - Ja, want de vertrektijd is om 1 uur ‘s avonds

Espero que lleves la linterna en la mochila. - Ik hoop dat je de zaklamp in de tas draagt

La llevo. El avión está en la pista, esperando que aborden los pasajeros. - Ik neem het mee. Het vliegtuig is op de baan. Ik wacht tot de passagiers kunnen instappen.

Pero la salida es a la 1:00p.m. - Maar het vertrek is om 1 uur ‘s avonds



Einde cursus Spaans deel 9

In deze les hebben we aardig wat oefenmateriaal gestopt om een basis gesprek in het Spaans te houden. In de volgende les zul je nog wat handigheden leren om Spaans beter te begrijpen. Oefen de bovenstaande woorden en zinnen en probeer indien mogelijk ook zelf de inhoud ervan te veranderen zodat je meer oefenmateriaal en een meer persoonlijke oefening ervan maakt.